Boostervaccinatie

Aangezien de bescherming, die de vaccinatie tegen COVID-19 biedt, na een aantal maanden begint de dalen, is het sterk aanbevolen om een boosterprik te krijgen. Dat is een derde prik een aantal maanden nadat je volledig gevaccineerd bent (of een tweede als je met een Jansen-vaccin gevaccineerd bent). De boosterprik zorgt ervoor dat de bescherming die de vaccins bieden, opnieuw naar het hoogste niveau wordt getild. Het is een “boost” voor je immuniteit.


Een boosterprik houdt je bescherming tegen COVID-19 op het hoogste niveau

De verschillende vaccins tegen COVID-19 bieden uitstekende bescherming tegen COVID-19: wie volledig gevaccineerd is, loopt veel minder kans om nog ziek te worden. Als je toch nog ziek wordt na vaccinatie, is de kans dat je zwaar ziek wordt of zou overlijden ook weer een heel stuk kleiner.


Studies bij miljoenen mensen in het Verenigd Koninkrijk en in de Verenigde Staten tonen echter aan dat bij ouderen de bescherming van de vaccins langzaam afneemt na verloop van tijd. In die landen is de vaccinatie vroeger begonnen dan in ons land, zodat we daar al konden bestuderen hoe goed de vaccins nog werken na een paar maanden.


Vaccinatie-expert Pierre Van Damme legt uit: “We zien in de studies heel duidelijk dat de vaccins bij 65+’ers na een paar maanden een stukje van hun kracht verliezen. Na ongeveer 5 maanden begint de werkzaamheid tegen ernstige COVID-19 en hospitalisatie af te nemen met 6 à 10%. Dat betekent dus dat je dan weer wat meer risico loopt om in het ziekenhuis te belanden als je besmet raakt met COVID-19.”


Met een boosterprik willen we uw bescherming tegen COVID-19 versterken en verlengen.


Betere bescherming tegen besmetting

Het kennisinstituut Sciensano berekent in zijn wekelijkse epidemiologische rapport de bescherming die een boostervaccinatie biedt tegen het risico op besmetting in vergelijking met volledig gevaccineerde leeftijdsgenoten.


Uit hun rapport van 17 december voor de periode tussen 29/11 en 12/12 blijkt:


  • 66% minder risico voor 18-64-jarigen
  • 67% minder risico voor 65+'ers


Boostervaccin na 2 of 4 maanden

Hoe snel je een boostervaccin krijgt na je basisvaccinatie, hangt af van welk vaccin je eerst kreeg.


  • Ben je eerst met één dosis Janssen-vaccin gevaccineerd, dan kan je een boostervaccin krijgen vanaf 2 maanden na je basisvaccinatie.
  • Ben je eerst met twee dosissen Astrazeneca, Pfizer of Moderna gevaccineerd, dan kan je een boostervaccin krijgen vanaf 4 maanden na je basisvaccinatie.


Certificaat na je boosterprik

Na je boosterprik krijg je een nieuw vaccinatiecertificaat (sinds 2 december met nummering 3/3. Heb je nog een certificaat van je booster met nummering 2/2? Klik in je app op "controleer op nieuwe certificaten").


Boostervaccinatie met Pfizer of Moderna

De boosterprikken gebeuren met vaccins van Pfizer of Moderna.


Een ander type vaccin dan je basisvaccinatie?

Het kan dus dat je een ander type vaccin als booster krijgt dan het vaccin dat je kreeg voor je basisvaccinatie. Ongeacht het type vaccin dat bij de eerste en tweede prik gegeven werd, zal je voor je booster een extra dosis van het vaccin van Pfizer of Moderna (mRNA-vaccin) krijgen. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat een extra dosis van een mRNA-vaccin kan zorgen voor een betere immuunrespons.


Het gebruik van een ander type vaccin voor de booster dan voor de basisvaccinatie, zogeheten "heteroloog vaccineren", is veilig en geeft volgens sommige studies zelfs een hogere immuniteitsrespons. Ook dit wordt bespoken in het advies van de Hoge Gezondheidsraad.


Halve dosis Moderna volstaat

Gebeurt de boostervaccinatie met Moderna, dan krijg je een dosis die de helft (50 µg) is van de twee dosissen die je eerst kreeg voor je basisvaccinatie. Studies tonen aan dat die “halve” dosis  voldoende is om je immuniteit terug naar het hoogste niveau te brengen. Het Europese Geneesmiddelenagentschap heeft die studies geëvalueerd en de 50 µg-dosis goedgekeurd voor gebruik.


Onderzoek naar de effecten van een booster met 50 µg Moderna bij volwassenen 6 maanden na hun basisvaccinatie, toonde een sterke toename van de antistoffen voor de verschillende varianten van het coronavirus. Het onderzoek toont een goede stijging van de antistoffen 28 dagen na de boostershot voor 94% van de studieparticipanten, en dit zowel in de leeftijdsgroep 18-64 als 64+.


Bijwerkingen van de booster waren vergelijkbaar met de toediening van de 2e dosis Moderna. Het gaat voornamelijk om  lokale reacties (zoals pijn ter plaatse, hoofdpijn, vermoeidheid, spier- en gewrichtspijn…). De lagere dosis van 50 µg voor de booster zorgt voor minder en doorgaans milde nevenwerkingen.